De Djembé

De djembé is afkomstig uit West Afrika.
In de 13e en 14e  eeuw vormden honderden stammen vanuit Mali in West Afrika, het Mandinque volk. Stammen zoals bv. de Sounous, de Malinkes en de Bamberas.
Gebieden die bij het Mandinque rijk behoorden zijn o.a. delen van Mali, Ivoorkust, Guinee, Burkina Faso, Senegal, Gambia en Sierra Leonne.


De Overdracht:
Er zijn, muzikaal gezien, drie manieren zijn om iets aan te leren, d.m.v.
Ø      intellect (verstand)
Ø      instinct  (doen)
Ø      intuïtie   (aanvoelen)
Natuurlijk is het een combinatie van alle drie, maar het djembé gebeuren
bevindt zich met name op het instinctieve nivo.
Door het te doen worden ritmes eigen gemaakt.
Het bespelen van de djembé is laagdrempelig, je slaat erop en er ontstaat een klank, vandaar dat men vrij snel resultaat met elkaar kan bereiken.
De ritmes uit mijn repertoire bouwen zich in moeilijkheidsgraad op.
De overdracht van de ritmes is gebaseerd op voor-/naspelen.
Bij het spelen van de djembé in groepsverband is men is actief met elkaar bezig.
Net als bij andere vormen van communicatie treedt men met elkaar in verbinding. En net als bij een goed gesprek vraagt dit om een bepaalde instelling waarbij je zowel als zender, als ontvanger fungeert. Het is een kwestie van naar elkaar luisteren en kijken.


Raakvlak:
Bij het spelen van de djembé in groepsverband is men is actief met elkaar bezig.
Net als bij andere vormen van communicatie treedt men met elkaar in verbinding. En net als bij een goed gesprek vraagt dit om een bepaalde instelling waarbij je zowel als zender, als ontvanger fungeert. Het is een kwestie van naar elkaar luisteren en kijken.
Het trommelen op een djembé is een kwestie van doen, ook het maken van fouten hoort daarbij omdat je er dan achter komt hoe het niet moet.
Vaak zie ik het fout gaan als mensen nadenken over wat ze doen.
Met regelmaat zie ik kinderen die moeite hebben met lezen vaak ook moeite hebben met de coördinatie die je nodig hebt om een ritme te spelen.
Daarnaast heb ik van de ouders van een jonge trommelaar, waarbij dyslexie was geconstateerd, begrepen dat in de jaren dat hij trommelde, volgens zijn ouders, het probleem van dyslexie is verminderd en zijn zelfvertrouwen is toegenomen.
Het schijnt, volgens kenners, zo te zijn dat het gebied van de hersenen waar de motoriek (lichaamsbeweging) wordt geregeld, grenst aan het gebied in de hersenen waar de ontwikkeling van taal wordt geregeld.
En dat de impuls die de motoriek stimuleert ook van invloed kan zijn op de ontwikkeling van het taalgebied in de hersenen.
Het mooie van de oude djembé cultuur uit West Afrika is dat deze hierbij aansluit.
De djembé ritmiek gaat uit van een trommeltechniek waarbij men gebruikt maakt van een ´hand om hand´ techniek.
Zo valt bij het woord appel, de sterke hand op ap, en pel op de zwakke hand.
Dit geeft een impuls aan beide hersenhelften waar de coördinatie van de arm/handbeweging, waaruit de klank tot stand komt, wordt geregeld.
Ook het gebied van de taal krijgt een impuls omdat we, zoals gezegd, de ritmes via woorden opbouwen.
De lettergrepen van de woorden lopen parallel met de bewegingen van de armen.
Het kind wat achter de trommel zit, is natuurlijk niet met deze achterliggende gedachte bezig.
Zij zijn gefixeerd, op de trommel, de klank die ze zelf voortbrengen en hetgeheel van de djembé groep waarmee ze samen een ritme proberen te realiseren.
We maken samen muziek.


Het ritme:
Een kernmerk van de Afrikaanse djembé ritmes is, dat verschillende partijen samen één ritme vormen.
De verschillende ritmische partijen worden in dezelfde tijd door elkaar gespeeld, dit heet polyritmiek.
Djembé ensembles die de traditionele ritmes spelen, gebruiken naast de djembé vaak twee of drie bastrommels. e.v.t. aangevuld met een belpartij.
Daar waar de djembé met de handen wordt bespeeld daar worden de bastrommels met stokken bespeeld.
Vanuit de traditie worden de djembé ritmes mondeling overgedragen.
Notatie komt er niet aan te pas.
De overdracht gebeurt via voor- en naspelen van de verschillende ritmes.
De ritmes zijn onderverdeeld in partijen voor de basdrums.
De basdrums, zijn de dundun, sanban, kenkeni.
De djembé ritmes zijn onderverdeeld in begeleidingspartijen, basispartijen en solo-begeleidingspartijen.
De ritmes worden verder aangevuld met intro, solo, appél, variaties, ect.
Elk ritme heeft een eigen oorsprong, geschiedenis en betekenis in de Mandinque cultuur.

Print Friendly, PDF & Email
2017-09-08T14:13:41+00:00